Powerrrrrrrr

Zoals beloofd kom ik terug op het ouder worden en de wattages. 

Als je zoals ik weet waar Abraham de mosterd haalt want de obligate pop die overgang van jongen naar man markeert stond reeds voor mijn huis, dan ga je bij jezelf zo af en toe na of de tand des tijds al grip heeft op de sportieve prestaties. Die aandacht wordt gevoed door het feit dat andere, met ouder worden gerelateerde ongemakken, zich al hebben voorgedaan. Zo heb ik toch echt wel een leesbril nodig en mijn haar ben ik al eeuwen kwijt en bovendien is mijn baard al aardig grijs. Aanwijzingen die me doen prakkiseren of er nog andere lichamelijke malheur voelbaar of aanstaande is. De belangrijkste voor een wielrenner is natuurlijk of je FTP nog op orde is.  Even een korte cursus FTP: FTP is het gemiddelde aantal watt aan vermogen dat een renner gedurende een uur kan volhouden. Wat je dan zou willen weten; zou mijn FTP nog zo zijn als toen ik een twintiger was en in de bloei van mijn leven was. Toen ik twintiger was bestond FTP helemaal niet. We reden op gevoel, zonder helm, korte sokjes, flapperende shirts, Indurain won de Tour, ik reed op een colnago super met campagnolo delta-remmen, ik werd tweede in de ronde van Koewacht, die tijd dus. Geen FTP dus, geen vergelijkingsmateriaal, helaas! 

Wat dan, hoe vergelijken we jonge Jack met Jack die Abraham in de ogen heeft gekeken? Het gerenommeerde wetenschappelijk blad, “Journal of sport, science and medicine”, één van mijn persoonlijke favorieten – ik neem aan van jou ook – waar ik mag graag ‘s avonds wat in mag grasduinen, biedt uitkomst. Ik las recent een artikel in dit journal waar het lichamelijk verval, de teloorgang van van de sportieve prestaties beschreven werden. Wat blijkt? Bij een man gaat het vermogen, na zijn dertigste, per jaar en per kilogram lichaamsgewicht 0.044 watt omlaag!  Dat is verschrikkelijk! Dat is verwoestend! Dat is oneerlijk!  Reken maar uit. Weeg je 75 kg dan ga je er per jaar 3.3 watt op achteruit. 3.3!!! Nu weeg ik iets minder dan 75 maar 3 watt per jaar ben ik toch wel kwijt. Heb ik net gedeeld dat ik Abraham gezien heb dus ben ik sinds mijn glorietijden toch meer dan 60 watt van mijn FTP kwijtgeraakt. Uit eerdere wetenschappelijke artikelen begreep ik dat ik zo’n 40 à 50 watt kwijt was maar the journal of sports, science and medicine heeft mij doen inzien dat het verval astronomische proporties heeft aangenomen. Verlies aan haar en leesbril-behoefte vallen hierbij in het niets. Ach en wee, arme ik. 

Zijn er dan nog lichtpuntjes? Zijn er nog redenen om uit bed te komen? Jawel! Bedenk dat als je in je 6e decennium zit, je in je toptijden dus zomaar 60 watt meer te verstampen had. Dat betekent dat die broekies van nu eigenlijk helemaal niet zo goed zijn. Dat als wij, vijftigers, onze 60 watt erbij zouden krijgen, we de klinkers uit de straat zouden rijden en die broekies compleet de vernieling in zouden rijden. Een wedstrijdlicentie zou niet meer dan normaal zijn.     

Niet om anoniem mee te rijden maar om top-competitie te rijden en waarschijnlijk te winnen. Dat niveau zijn wij oude rotten eigenlijk dus. 

Voor de enigszins zwaardere rijders ( ik noem geen namen) is dit verhaal nog veel erger. Meer kilo’s maakt het verlies alleen maar groter! Het leven is hard. Life is a bitch and then you die. 

Hopelijk schrijf ik volgende keer een leuker stukje. 

Blog

Naaktslakken

?  schreef ik eerder al eens over je fiets kuisen en het plezier dat ik daar uit weet te halen. Dit jaar komt het voor dat ik het toch wat minder vind. Reden, de naaktslak. Nou wou ik allerlei grappige weetjes over naaktslakken op gaan sommen maar mijn lust werd in de kiem gesmoord op het moment dat ik een foto van parende naaktslakken zag. Bah, wat een gore beesten. Ik had even helemaal nergens zin in…. Dan maar terug naar de verminderde zin om mijn velo te kuisen. Die naaktslakken kruipen massaal over de weg de laatste tijd en wij wielrenners willen per ongeluk het pad van de naaktslak wel eens kruisen. De gevolgen voor de slak zijn desastreus want door de midden gereden worden is één van de minst erge gevolgen. Voor zover het leed dat wij de slakken aandoen, nu naar het weerzinwekkende leed dat wij moeten ondergaan. Je onderbuis bezaaid met slakkenkadavers of delen ervan! Ondanks dat de onderbuis er nu ook weer uitziet als een actionpainting van Jackson Pollock (zie mijn eerde blog over het kuisen van je gerief) ben ik nu minder enthousiast. Spoel je normaliter het zand, blaadjes etc met water weg en kun je de rest met een spons eraf krijgen, is dit helaas niet het geval met die viespeuken van naaktslakken. Die beesten plakken als bison-kit aan je fiets. Hoe eerder in de rit  ze op je fiets belanden hoe beter ze vast zitten. Het wordt allemaal nog erger doordat die dingen overal geplakt zitten: Op je velgen en spaken, op je schoenen, op Tom’s maagdelijk witte sokken en in Marwins baard. Brrr. Eén tip, heeft niets met wielrennen te maken, mocht je ooit in het naakslakseizoen moeten kamperen (want doe je dat uit vrije wil als je voldoende geld hebt?) leg dan nooit je schoenen zo dat die obscene dieren erin kunnen kruipen èn mocht je dat toch gedaan hebben, kijk je schoenen dan na als je ze aantrekt (zeker als je dit sokloos doet). Het kan een ‘bloody mess’ worden. Mocht je hier meer informatie of details van willen weten, ik weet welke Pedaleur dit mee heeft mogen maken. Die bison-kit-slakken moeten dus van je fiets. Water en spons helpen niet dus moet je ze er afpeuteren. Getver. Getver. Getver. Het enige dat mij door deze naaktslakhorror kan halen is metal, heavy metal! Snoeihard en dan krijg ik die m…… er wel af. Ook voor een naaktslakremoval-playlist kun je bij mij terecht!

P.S. De foto is van vorige week maar niemand die het ziet.

Volgende blog over wattages en ouder worden?

Blog

RTCdeP B-groep Rees – Groesen

Zondagochtend 7uur, de wekker gaat, het eerste wat ik doe is op mijn telefoon kijken en als een volleerd weerman de dag voorspelling maken. YES het blijft droog, temperatuur is goed, wind is goed dus alle reden om de fietskleren uit de kast te halen en er opuit te trekken met de mannen en vrouwen van de B-groep.

Vandaag staan 6 man en 1 vrouw bij onze sponsor te popelen om er een mooie fietsochtend van te maken. Vooraf geeft de wegkapitein van de dag (Stijn) een korte toelichting wat we kunnen verwachten. Prosessie rups arme tocht. De duitse wegen zijn niet vergelijkbaar met de biljart lakens in Nederland. Dit hebben we dan ook kunnen ervaren. Naarmate we Duitsland verder in fietsen worden de gaten in de weg groter en neemt de hoeveelheid grind op de weg toe. Dit resulteerd dan ook uiteindelijk in een lekke band op de Rijnbrug van Rees. Het is een bewolkte ochtend maar dat maakt de pret niet minder. Met een kruissnslheid van iets boven de 30 fietsen we van Rees richting Emmerich de Rijnbrug waar ik persoonlijk een haat liefde verhouding mee heb.. Dit keer mag ik voorop zodat ik de paaltjes aan kan zien komen en er behendig omheen kan sturen. Wij vervolgen onze weg richting Elten waar vlak voor de klim de 2e lekkeband zich aankondigde. Onze routinee legt behendig een nieuwe binnenband op zijn achterwiel. Nog 1.2km voordat we aankomen op onze pauzeplaats. Via de achterzijde beklimmen we de weg richting hoog Elten. Bij het Pannenkoeken Huys kunnen we lekker onder de prosessierups vrije bomen zitten en genieten van het gebak en de koffie. Na het gezellige onderhoud begint het al gauw weer te kriebelen. Op de fiets dus om de route te vervolgen. Nu wordt er richting Spijk gekoerst van waar we opnieuw langs de Rijn richting Pannerden en Groesen fiesten. Zelfs het zonnetje komt nog even kijken. de teller tikt bij Zevenaar 100km aan. Een afstande laatste 18km was voor mij aftellen. De afstand van 119km is er een welke ik tijdens de afgelopen 3maanden niet meer heb gefietst. Ondanks de voor mij bekende pijntjes moet ik zeggen dat het een mooie route was waarvan ik met volle teugen heb genoten.

Blog

Shave your guns

Vandaag is het tijd om weer eens één van de grootste thema’s van het wielrennen te bespreken. Ik moet eerst even een quote neerzetten voordat mensen boos, verdrietig of onzeker worden: ‘tongue in cheek’. Meer zeg ik niet.

Het thema: Shave your guns!  Nu het weer tijd voor de kortebokse is, de temperaturen laten het eindelijk weer toe, heeft de beharing van de onderdanen een onderhoudsbeurt nodig. Ergo het moet eraf!

Shave your guns, regel 33 in de bijbel voor wielrenners, de velominati-regels. Zij, de velominati dus, geven één van de belangrijkste, zo niet de allerbelangrijkste, reden om de poten te scheren (daar later meer over): want is dit niet wat ons van de gewone man (of vrouw of hen) doet verschillen? Natuurlijk zijn er nog meer voordelen van shaved guns want probeer maar eens een pleister of tape te verwijderen na een valpartij. Bestaat er iets dat meer pijn doet dan het lostrekken van een pleister die plakt aan je tabak op de benen? Dacht het niet. Nog even terug naar het onderscheiden van de rest. Als men aan de spieren in je benen niet al ziet dat je wielrenner bent dan ziet men het in ieder geval aan de baby-gladde huid. Mooi toch dat je met wat simpele handelingen jezelf buiten de groep niet-wielrenners zet. Want, zoals in een eerdere blog al eens besproken, de leegheid van de niet-wielrenner is schokkend (uit ‘de Renner’ van Tim Krabbé).

Ik wil ook de gouden tip van de velominati jullie niet onthouden: het scheren van je benen is de, met extreme nadruk op de, goedkoopste manier om er ‘pro’ uit te zien. Hoef je geen dure S-works of lightweight wielen voor te kopen waarvan je de prijs niet aan je partner durft te vertellen want twee weken wel beeld maar geen geluid.

Naast bovenstaande waarheden zouden we het ook nog over aerodynamica kunnen hebben en bijvoorbeeld het Reynoldsgetal en andere stromingsleergerelateerde formules en getallen kunnen hanteren en uitleggen. Doe ik niet. Het wel of niet gunstige effect van gladde benen is niet eens relevant want het niet behoren tot die grote leegte en de pleistertrekpijn zijn voldoende!

Nog eentje dan. Moraal. Voor de heren, ik neem aan dat alle damesbenen sowieso glad zijn, die met shag rondrijden, de moraal die je krijgt van haarloze benen! Ongekend. Ik zeg 35 watt cadeau. Da’s bij de meesten van ons zeker 10% erbij en dat voor iets dat ook esthetisch plezierig is.

Met deze pleidooi verwacht ik dat het laatste restje A-rijders na het lezen  van dit stuk direct aan de slag gaat en dat ook alle andere Pedaleur-leden overstag gaan.

Ik zou nog terugkomen op het scheerproces zelf. De ‘eerste snee’ doe ik met de tondeuse en daarna met een gewoon scheermes erover. Maarrrrr ik werd nog geattendeerd op wat tips uit de libelle (die lees ik eigenlijk niet): https://www.libelle.be/mooi/9-veelgemaakte-fouten-ontharen/

Doe er je voordeel mee. Volgende rit allemaal pro?

A-groep op 6 juni 2021

Blog

Kuisen

Ik ben een na-het-douchen-en-proteïne-rijk-eten-fietsenpoetser. Deze periode met regen, sneeuw en ander ongerief maakt dit onderwerp bijzonder actueel.  Poetsen pas na jezelf verzorgd te hebben dat is, volgens de auteur van dit stukje proza, ergo ikzelf, de juiste manier. Hierin ben ik niet de enige maar sommige collega-fietsers zweren bij het direct na het rijden hun instrument proper te maken. De infinitesimale winst (dat is dus heel erg weinig) op de uiteindelijke levensduur van je tweewieler, die dit tot gevolg heeft, rechtvaardigt niet het ongemak van bijvoorbeeld alleen al met je bezwete lichaam rond je fiets te moeten dansen en het bijkans bevroren waswater op je handen te krijgen. Dat is in deze tijd met arctische omstandigheden, zo ervaar ik het weer de laatste weekeinden, een met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid tot verkouden worden of om andere lichamelijke narigheden te pakken te krijgen.

Het is volkomen logisch dat je je ros pas soigneert nadat je jezelf verzorgd hebt. Eerst zorgen dat je schoon en warm wordt, wat is er heerlijker dan direct na de koude inspanning onder een krachtige warme douche te staan en de geur van de inspanning, een mooi eufemisme, te verwisselen voor de gewaardeerde odeur van je douche gel of voor de ouderwetse mannen van je stuk zeep. Ik vind het mooi om me voor te stellen dat wij allemaal ouderwets met ons stuk zeep onder de douche staan en onze koude en rode huid schoon staan te schrobben. Denk aan de douches na Parijs-Roubaix.

En dan moeten we het nog over het voedsel hebben. Ik weet niet hoe het met andere renners is maar na een inspanning van 3 à 4 uur heeft mijn gestel wel behoefte aan energie- en herstelvoedsel. Wetenschappelijk bewezen, hoe sneller na de inspanning de o zo nodige proteïnen tot het systeem worden genomen hoe beter.

Na de uiteenzetting van hierboven is het volkomen logisch om eerst jezelf te verzorgen en dan pas je fiets. Je zou zelfs kunnen zeggen dat het een beetje dom is om eerst te kuisen.

Het poetsen is, met een schoon en warm lichaam en een met proteïne gevulde maag, natuurlijk een kunst op zich en zal te allen tijde zo aangenaam mogelijk gemaakt worden. Warm water om je fiets te soppen is dan onontbeerlijk maar wat voor mij het poetsen interessant, ja zelfs aangenaam, maakt is het luisteren naar òf muziek, van Miles Davis naar Metallica via Muse en CCR tot Charles Aznavour, òf het luisteren naar wielerpodcasts. Van die laatste natuurlijk de gerenommeerde zoals de rode lantaarn, de grote plaat en cyclingTips maar ook kleinere podcasts zoals Tegeltjeswijsheden en Tweewielers. Luister die laatste twee vooral ook eens.

Het verwijderen van de modder en vuiligheid die samengekoekt zit op frame en onderdelen brengt me even terug naar de rit. Je ziet de verschillende ondergronden die je ‘s  ochtends hebt verteerd als een kunstwerk van Jackson Pollock terug op het canvas dat je fiets is. Was dat niet het gras van die zware slootkant, waren die dennennaalden niet van die mooie maar pittige passage door dat bos en die modder bovenop mijn stuur kwam dat van die plas na die slopende maar prachtig door bomen omzoomde dreef waar ik me stukbeet op het wiel van mijn fietsmaat? De opgedroogde zweetdruppels op de bovenbuis getuigen dan weer van de inspanning die geleverd is. Tijdens het wegspoelen van die zoute overblijfsels van de rit wordt het positieve gevoel dat de rit heeft veroorzaakt nog langer gerekt.

Na het soppen en spoelen komt het audio-ondersteunde gedeelte van het schoonmaakproces, het drogen en smeren. Muziek of podcast eerst op de bluetooth speaker en aan de slag: heerlijk relaxend. Volume op 10; mijn buurman dacht ooit toen ik lekker aan het poetsen was dat er een concert in de buurt gegeven werd toen ik Iron Maiden op had staan (Fear of the Dark).

Het afdrogen is het minste in dit hele proces maar het olie- en smeerproces maakt mijn technisch hart altijd weer blij. Wat is er mooier dan een ketting die eerst knarste en kraakte vanwege het zand dat tussen en in de schakels zat nu te horen draaien alsof ze weer nagelnieuw is? Dat grenst aan puur geluk.

Je moet je toch niet voorstellen dit te doen op een lege maag en gehuld in fietskleding? Chagrijnig van de honger, stinkend en misschien wel bibberend van de kou en alleen maar omdat je denkt dat het beter is? Word wijs en volg mij en geniet van deze logische volgorde en word een blijer mens!

Luistertips voor tijdens het kuisen:

CCR – Fortunate son

Paolo Nutini – Iron sky

Muse – Knights of Cydonia

Foo Fighters – The Pretender

Red hot chili peppers – Dark necessities

Band of horses – The funeral

Charles Aznavour – La bohème

White stripes – Jolene

Als je deze hebt beluisterd, dan is je fietsje weer proper en klaar voor het volgende avontuur en heb je een stukje goede muziek gehoord….

Blog

Grinta

Dan is er de dag dat je Grinta eens echt in de praktijk moet brengen want honderdvijftig kilometer ‘gravellen’ door de Achterhoek en niet je beste dag hebben. Grinta: Italiaans voor 'lef, durf, doorzettingsvermogen en/of karakter'. In wielerland voornamelijk de laatste twee natuurlijk. Wel een beetje arrogant om van mezelf te zeggen dat ik Grinta heb en zeker in calvinistisch Nederland is het not done om jezelf op deze wijze te complimenteren. Toch wil ik dat hier wel doen aangezien het allereerst een Italiaans woord is en Italianen ook wat minder bescheiden zijn dan wij Hollandse nuchtere kloten en omdat ik werkelijk heb afgezien. Want afzien was het, afzien zoals je dat voor ogen hebt als je het over afzien hebt. Van de 152km die we gereden hebben, was het precies 121.3km afzien om bij de mannen te blijven. Bijten om in het wiel te blijven, stoempen om na de bochten weer aan te pikken, buffelen om op de stroperige stroken het tempo er in te houden, pure Grinta zoals het in het Italiaans bedoeld is. Ik denk dat ze toe ze het woord destijds in Italië bedachten, ze mij al voor ogen hadden zwoegende over de Achterhoekse ‘witte wegen’. 121.3km lang de Bauke Mollema uithangen wat betekent dat ik geharkt heb in een stijl die te vergelijken is met Gunda Niemann (voor de jongeren onder ons, dat was een Duitse mevrouw die verschrikkelijk hard kon schaatsen in een verschrikkelijke stijl). Die ging dan wel weer echt hard maar het was echt een belediging voor het oog. Zo fietste ik dus maar zonder dat hard rijden dan. Nu was ik gelukkig niet helemaal alleen in mijn lijdensweg want Marwin deed wel een beetje mee met mij. Hij verdient ook de titel rijder met Grinta want net zoals ik was het stoempen, snot en sterven. Grinta dus.
121.3 km hangen in het wiel en alleen maar oog hebben voor de achterkant van de fietsen van Marco, Rob, Sebastiaan en Erik (een woord van dank hier is wel gepast voor het meeslepen dus: heren bedankt). Geen flauw idee dus waar ik allemaal geweest ben. Op strava zag ik later dat ik in Vorden, Lochem, Almen en nog tal van andere dorpjes en gehuchten ben geweest.
Als kers op de taart van het Grinta-beleven is de beklimming van Lochemse Berg. Gelukkig heet dat ding echt de Lochemse Berg want de ervaring maar zeker de manier van klimmen was als op een berg. Ik kwam daar op en stuk van wel 2 à 3% volledig parcheggio te staan. Het dieptepunt in mijn wielercarrière, die dit jaar alleen maar hoogtepunt heeft gekend. Een bittere pil dus….
Parcheggio, een mooi Italiaans woord maar één van de lelijkste bewegingen in het wielrennen. Parcheggio, dat was eigenlijk alleen maar voorbehouden voor knechten van Sky, Ineos en recent Jumbo-Visma. Nu stond ik dus ook parcheggio, een waarlijk verschrikkelijk schouwspel…
Reden van dit episch lijden was de Strade Bianche Achterhoek, aka de witte cross met sub-titel de Gijs Verdick Memorial. Oerend onverhard. Zonder gekheid een schitterende cross die we met zes A-Pedaleurs gereden hebben. Een cross met heel veel gravel (ja ook witte gravel), zandwegen, bospaadjes, singletracks etc door een werkelijk schitterende omgeving . We waren maar met zes man maar het is echt zo’n aanrader dat ik volgende jaar als Corona geen roet in het eten gooit, zeker het dubbele aantal A-renners verwacht.
Ter info:
De Strade Bianche heeft als ondertitel de Gijs Verdick memorial. Gijs, de naamgever van de cross, een helaas veel te vroeg overleden jonge wielrenner die de omgeving hier zo mooi vond en dat ook actief deelde met anderen en daarom de cross naar hem vernoemd kreeg als eerbetoon.

Blog